O. Noordmans · Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken
← Onverdacht getuigenisInhoudTachtig jaar op de film →

Verzamelde Werken, deel 4 · p. 484–487

De antropologie van een Sahara-vlieger1

Wij hebben gezien zijn ster in het Oosten.

Mattheüs 2 : 2 (St.V.)

Richard Hillary,2 de bekend geworden vlieger uit de 'battle of Britain', maakt in zijn meesterlijk geschreven boek The Last Enemy de opmerking, dat de piloot in de lucht 'zekere fundamentele dingen'a leert. Deze uitspraak vindt men op wel zeer treffende wijze bevestigd onder de lezing van enkele werkjes van Antoine de Saint-Exupéry,3 die o.a. sommige lijnen over Frans-Afrikaanse woestijngebieden heeft bevlogen. De daarbij opgedane ervaringen hebben hem later aanleiding gegeven tot het schrijven van wat men een aantal meditaties zou kunnen noemen. Ik denk nu vooral aan zijn Terre des hommes en zijn Lettre à un otage. Zij gaan te werk naar de beste Franse tradities en trachten aan wat de auteur beleefd heeft een evidentie te geven, waardoor deze ervaringen het karakter krijgen van 'maximes' of van 'caractères' of van iets dat het midden houdt tussen die beide. Wie ze uit deze boekjes bijeen leest, krijgt een soort antropologie van een Sahara-vlieger, die mij merkwaardig genoeg schijnt om te proberen enkele omtrekken daaruit te tekenen. Het zijn inderdaad fundamentele dingen, die een kritische betekenis hebben voor onze tijd.

Het eerste wat ons opvalt is, dat de mens hier een scherp besef krijgt van de betekenis van richtingen. De Sahara schijnt - aldus de schrijver - zover men kan zien, een uniforme zandvlakte te zijn. Maar in werkelijkheid bouwen onzichtbare diviniteiten haar een net van lijnen, een geheimzinnige en levende musculatuur. Alles oriënteert zich. Alles polariseert zich. Iedere ster stelt een richting vast, die betekenis heeft. Het zijn allemaal sterren van de Drie Koningen. Zij dienen elk haar eigen god. De ene geeft de richting aan naar een verre bron, een andere die naar een uitgedroogde put. Weer een andere wijst naar een onbekende oase, waarvan de nomaden hebben verteld. Zo voelt de mens zich gespannen en in leven gehouden door een veld van krachten, die hem trekken of afstoten. Hij wordt het centrum van een stelsel van kardinale lijnen. En daar de woestijn geen kostbare goederen kan aanbieden en het innerlijk leven, wel verre van uit te doven, er sterker wordt, moet men wel erkennen, dat deze mens allereerst leeft op onzichtbare prikkels. De mens wordt geregeerd door de Geest. In de woestijn ben ik zoveel waard als mijn diviniteiten het zijn. Niet meer en niet minder.b ⚑Deze diviniteiten kunnen van verschillende orde zijn. Ik denk nu aan een passage uit Terre des hommes. De auteur-vlieger moest met een paar kameraden een noodlanding maken in de buurt van een blokhuis in het zuiden van Marokko. Hij trof er een oude, Franse sergeant aan, die met vijftien Senegalezen de post bezet hield. De man ontving hen als engelen uit de hemel. Men bracht op het terras van het blokhuis de nacht door met praten over de sterren. Er was niets anders om naar te kijken. Maar de sterren waren er 'au complet'.

Wel, mijn richtingen ken ik wel, zei de sergeant. Die ster bijv. staat boven Tunis.

- Komt gij uit Tunis?
- Neen mijn cousine woont er.

Er ontstaat een heel lange pauze in het gesprek. Maar de sergeant durft niets te verbergen.

- Eens zal ik naar Tunis gaan.

- Ik heb een keer aan de kapitein verlof gevraagd voor Tunis, met het oog op die cousine. En hij heeft mij geantwoord...

- Nu, wat heeft hij gezegd?

- En hij heeft mij geantwoord: De wereld is vol cousines. En, omdat het minder ver was, heeft hij mij naar Dakar gezonden.

- En is ze mooi, je cousine?
- Die van Tunis? Welzeker. Zij was een blondine.
- Nee, die van Dakar?

Dan komt het een beetje spijtige en melancholieke antwoord van de sergeant:

- Elle était nègre.c

Dit begrip van de Sahara zegt De Saint-Exupéry pas recht gekregen te hebben, toen hij te Lissabon en op de boot naar Amerika gelegenheid had de emigranten gade te slaan, die in de oorlog hun geld in veiligheid brachten. Hij tekent ze, zoals zij het casino van Estoril bevolkten en deden alsof er geen vuiltje aan de lucht was. "Lissabon zette op geluk, in de hoop dat God het wel zou willen geloven." De emigranten speelden met fortuinen, die misschien op datzelfde ogenblik hun betekenis al verloren hadden. "De waarden in hun koffers waren misschien gedekt door fabrieken, die reeds geconfisceerd waren of, bedreigd als ze waren door luchtvloten, reeds bezig waren in puin te vallen." Alles was irreëel. Het was een compleet poppenspel. Maar triest.d

Op de boot vindt hij ze terug. Om hen heen was eenzelfde soort lichte angst als in het casino. Zij trachtten zich tegenover elkaar te legitimeren. Zij haalden hun adresboekjes uit de zak, de brokstukken van hun identiteit. Zij speelden alsof zij nog iemand waren. Gij weet, zeiden ze, ik ben die en die... uit de stad... een vriend van die en die... kent gij hem?e

Men meent een satire van Horatius te lezen, als deze lieden zo worden opgevoerd. Zij vertellen de geschiedenis van een verantwoordelijkheid, die zij gedragen hebben of zelfs die van een misstap of welke andere historie ook, alleen maar om ergens mee in verband te staan, onverschillig waarmee. Maar, nu ze expatrieerden, kon niets uit het verleden hun meer dienen. Zij voelden dat wel. Zoals Lissabon op geluk speelde, zo de boot op terugkeer. Maar het waren verloren zonen zonder vaderhuis achter zich. Hun sterren begonnen te liegen. Hun diviniteiten losten zich op in een nevel. En daarmee ging het hunzelf evenzo, want een mens is zoveel waard als zijn diviniteiten. "Het ontbrak hun niet aan geld, maar aan gehalte, dichtheid (densité)."f

Toen, op die boot, begreep de schrijver ineens zijn woestijn.g Een zeer fundamenteel ding werd hem duidelijk. "De Sahara heeft een meer echt leven dan een wereldstad en de stad waarin het krioelt van mensen wordt ledig als de essentiële polen van het leven van hun magnetische aantrekkingskracht zijn ontladen."h

De Sahara-mens is een type van de mens der toekomst, die de bronnen van het leven en de polen van zijn bestaan zal hebben teruggevonden. In uiterste vereenvoudiging doet hij de fundamentele dingen zien, die tot ons wezen behoren. Wanneer men de ervaringen van deze vlieger en die, welke hij heeft opgemerkt bij de inboorlingen op een paar formules zou mogen brengen, dan zou men kunnen zeggen: Die mens is een kleine hoeveelheid vocht tussen zon en zand; hij is geschapen naar het beeld en de gelijkenis van zijn diviniteit, de oase.

Wat er gebeurt als hij de richting verliest, heeft de auteur drastisch beschreven in een hoofdstukje uit Terre des hommes, waarin verteld wordt hoe hij met zijn mecanicien in de buurt van de Egyptische grens een noodlanding moet maken, zonder te weten waar. Men krijgt dan te lezen wat de zon en de wind in de woestijn met de mens doen, als hij is afgedwaald van de plaats, waarvan hij de beelddrager is.i

Voor een mens die een damp is, krijgt het water de betekenis van een godheid. De schrijver vertelt hoe de Franse regering een drietal stamhoofden uit de dissidence, de ononderworpen Sahara, naar Savoye liet reizen en hen bij een grote waterval bracht.

- Proef maar eens, zei de gids.
Eindelijk wilde hij weer vertrekken.
- Wacht nog even...

Het leven vloeide daar voor hen uit de berg. - Wat is er nog meer te zien?

Kom...
- We willen nog wachten.
- Wachten waarop?
- Op het einde.j

Er is een overvloed, ook voor de moderne mens, die onuitputtelijk moet heten. De Saint-Exupéry gelooft dat ieder mens zijn ure heeft, waarin dat hem geopenbaard kan worden. Er is ook een terre, waarin de homme kan wassen; een terre des hommes. Hij gelooft niet dat de sociologen die kweek zullen kunnen oefenen. De mensheid is geen koppel mestvee.k

Het leven is een symposion, een convivium, dat met veel lichter toetsen gespeeld moet worden. Zelfs het water in de woestijn - aldus de schrijver is het niet zelf. Want waarom zouden wij het dan met zoveel plezier delen? 'Le plaisir véritable est plaisir de convive'.l De glimlach waarmee de redders het aan komen dragen! Daarbij voelde de auteur zich gelukkig!

Hij vindt het zo jammer, dat daartoe zo weinig mensen geboren worden.m Het zouden kleine prinsen uit de legenden moeten zijn. Maar er is niemand om ze te kweken. Er is geen tuinman voor mensen.n

Toen heeft De Saint-Exupéry Le petit prince geschreven, waarin zo'n nieuwe mens ons geschilderd wordt. Daar lost de wereld zich niet op in een nevel, maar in een glimlach. En toch ook in de Sahara.

Voetnoten

  1. a

    R. Hillary, The Last Enemy (1942), Londen 1949, p. 52.↩

  2. b

    Zie voor deze alinea A. de Saint-Exupéry, Lettre à un otage, Parijs1944,Z.j.31 p.26-30.↩

  3. c

    Zie voor deze alinea A. de Saint-Exupéry, Terre des hommes, Parijs1939,Z.j.79,p.92-95.↩

  4. d

    -Zie voor deze alinea Lettre à un otage, p. 13-16.↩

  5. e

    Zie voor deze en de volgende alinea a. w., p. 17-22.↩

  6. f

    A.w., p. 21.↩

  7. g

    A. w., p. 26.↩

  8. h

    A. w., p. 32.↩

  9. i

    Zie Terre des hommes, p. 131-187.↩

  10. j

    Zie voor deze alinea a. w., p. 101-104.↩

  11. k

    Vgl. voor deze alinea a. w., p, 189 vv.↩

  12. l

    Lettre à un otage, p. 55.↩

  13. m

    Vgl. Terre des hommes, p. 207 vv.↩

  14. n

    A. w., p. 217.↩

Eindnoten

  1. 1

    N. publiceerde De antropologie van een Sahara-vlieger in IdW. 7 (11.1.1952) nr. 15, p. 116.↩

  2. 2

    R. Hillary (1919-1943), Engels schrijver. H. was een bekwaam gevechtsvlieger die in 1940 werd neergeschoten in de Battle of Britain. Hij overleefde het en schreef tijdens de lange periode van herstel The Last Enemy, waarin hij zijn ervaringen in de luchtgevechten te boek stelde. Terug in dienst werd hij op 7 januari 1943 gedood. De Battle of Britain had plaats in de zomer van 1940 na de capitulatie van Frankrijk.↩

  3. 3

    A. de Saint-Exupéry (1900-1944), Frans schrijver en vliegenier. Zijn gedeeltelijk autobiografische romans zijn doortrokken van een humanisme waarin menselijke waardigheid, heldhaftigheid, verantwoordelijkheid en solidariteit centraal staan. Vooral bekend geworden is zijn Le petit prince (1943), een filosofisch sprookje, geïllustreerd door de schrijver, met een scherpe tekening van mens en dier. In 1944 kwam hij om het leven bij een verkenningsvlucht boven bezet Frankrijk.↩

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit de OCR-tekst van het boek. Paginagrenzen zijn hersteld, afgebroken woorden samengevoegd en voet- en eindnoten aan hun verwijzing gekoppeld. Zet controlepunten aan om de OCR-correcties en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← Onverdacht getuigenisInhoudTachtig jaar op de film →