O. Noordmans · Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken
← Markus 15 : 27LarenLukas 2 : 1-7 →

Verzamelde Werken, deel 7 · Laren · p. 283–285

Lukas 1 : 38

En Maria zei: Zie, de dienstmaagd des Heren: mij geschiede naar uw woord. En de engel ging van haar weg.

Lukas 1 : 38

Na het persoonlijke en het gemeenschapsleven, komt nu de kerk zelf ter sprake. Ook zij staat onder de kritiek van de Advent. Als Christus komt, moeten alle dingen nieuw worden. Zij moet daartoe bereid zijn; bereid om te ondergaan, wat God in zijn raad besloten heeft. Nieuwe gehoorzaamheid. Een nieuw vertrouwen. Uw leven moet gestalte krijgen als kerklid.

De kerk is de dienstmaagd des Heren. Maria spreekt voor haar, als zij uitroept: Zie, de dienstmaagd des Heren: mij geschiede naar uw woord. Daarmee spreekt zij de bereidheid uit de Here Christus in zich op te nemen. Wat dat betekende, zegt straks de oude Simeon: En ook een zwaard zal door uw zelfs ziele gaan (Lk. 2 : 35). Later zoekt zij met haar zonen Jezus tussen de scharen. Maar Jezus strekt zijn hand uit over zijn discipelen. Straks staat zij onder het kruis. Dat is het laatste wat wij van haar horen. Onder de vrouwen op de paasmorgen wordt zij niet met name genoemd.

Mij geschiede naar uw woord, heeft zij gezegd. Zie, de dienstmaagd des Heren. Dit is de adventsgestalte der kerk. Zij moet zich ter beschikking stellen om Christus in zich op te nemen, met alle gevolgen die daaraan verbonden zijn. Christus, om wiens wille een zwaard door haar ziel zal gaan. Christus, die zo dikwijls zijn moeder en zijn broeders elders zoekt. Christus, die de kerk onder het kruis laat staan, onder zijn kruis.

Bereidheid daartoe? 'Eigen zin en wil te vrezen.' Gehoorzaamheid? Mij geschiede naar uw woord. Vertrouwen? Dat wij Christus onder ons opnemen? Dat Hij zich laag en nederig maakt, en zich met ons zal oprichten? Dat wij met Hem in de hemel zullen gezet worden! Dat is de adventsgestalte der kerk. Christus heeft dienstknechtsgestalte aangenomen (Fil. 2 : 7). De kerk moet zich niet schamen de dienstmaagd des Heren te zijn. Dit zal veel strijd kosten. Camphuysen:

"Daar moet veel stryds gestreden zyn;
Veel kruys en leeds geleden zyn;
Daar moeten heyl'ge zeden zyn;
Een naauwen weg betreden zyn;
Zoo lang wy hier beneden zyn;
Zoo zal 't hier na in vreden zyn."

Zie, de dienstmaagd des Heren: mij geschiede naar uw woord. Dat woord houdt wat in. Want als Christus de kerk tot zijn moeder kiest, dan neemt zij Hem op in haar leven. Dan is zijn geboorte haar smart, zijn strijd een zwaard door haar ziel, zijn heengaan haar verlatenheid. Dan wordt zij de kampplaats, waar de strijd tegen God en Satan wordt uitgevochten. Paulus zegt: Ik vervul in mijn lichaam de overblijfselen van het lijden van Christus (Kol. 1 : 24).

Wanneer Christus in de schoot der kerk gestalte krijgt, als zij Hem uitdraagt in de wereld, dan wordt haar leven een zaak van grote spanning, van strijd, van lijden, van bidden. Want Christus is de Heer uit de hemel, die een ambt heeft, dat Hem door de Vader is opgedragen. Dat werk moet geschieden. En Christus vraagt van de kerk, dat zij zich daarvoor beschikbaar stelle. Zie, de dienstmaagd des Heren: mij geschiede naar uw woord. Welk een overgave ligt daarin opgesloten; welk een adel van gezindheid, zelfverloochening, opname van het kruis.

Twee ambten heeft ieder in deze wereld: het actieve en het passieve. Handelen en lijden. Het goddelijk beroep, en het nog goddelijker: het beroep van kruisdrager. Martha en Maria. Het éne nodige (Lk. 10 : 42). Luisteren, gehoorzamen, bereid zijn, vertrouwen. Jesaja: In stilzitten en vertrouwen zal uw sterkte zijn (Jes. 30 : 15). Als Christus alles nemen mag, uw ziel, uw lichaam, geld en goed, land en volk. Als Hij het nemen mag tot zijn dienst, om gestalte te krijgen in de wereld, zodat Hij gezien wordt, midden in de storm, midden in de nood, midden in de dood.

Want Christus kan niet komen zonder moederschoot. De kerk moet Hem ontvangen, zich bereid verklaren het zwaard door haar ziel te laten gaan, onder het kruis te staan. Zo wordt de nood van enkeling en gemeenschap verklaard in de nood der kerk. Als 't erop aankomt, drukt op haar de last het zwaarst. Zij is het meest gehaat. Zij staat het naast om het kruis.

Wij zijn gehouden ons bij de kerk te voegen. Nederlandse geloofsbelijdenis. In tijden van kruiskerk. Zo is de kerk geen knusse levensvorm, maar een kruisvorm. De kracht der kerk ligt in God.

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit de OCR-tekst van het boek. Paginagrenzen zijn hersteld, afgebroken woorden samengevoegd en voet- en eindnoten aan hun verwijzing gekoppeld. Zet controlepunten aan om de OCR-correcties en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← Markus 15 : 27LarenLukas 2 : 1-7 →