O. Noordmans · Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken
← Romeinen 5 : 18-20LarenRomeinen 8 : 29 →

Verzamelde Werken, deel 7 · Laren · p. 367–369

Romeinen 8 : 2 · Romeinen 8 : 26a

Want de wet des Geestes des levens in Christus Jezus heeft mij vrijgemaakt van de wet der zonde en des doods.

Romeinen 8 : 2

En desgelijks komt ook de Geest onze zwakheden mede te hulp.

Romeinen 8 : 26a

Pinksteren is een feestdag. Wij denken er dan aan, dat Christus ons niet aan onszelf overlaat. Hij komt ons te hulp. De Heilige Geest is de Helper, die ons in alle waarheid leidt (Joh. 16 : 13), de Trooster, die ons moed inspreekt, als wij verdriet hebben. Hij komt onze zwakheden te hulp.

Jezus is op aarde gekomen. Dat is het Evangelie. En Jezus is ten hemel gevaren. Dat is het einde van het Evangelie. Waar blijft nu onze hulp en onze troost? Dat weten we als wij Pinksteren vieren. Wij zijn niet zonder Jezus op aarde. Hij wil ons geen wezen laten (Joh. 14 : 18). Dat is een blijde tijding.

Wij zijn hier op deze wereld aan allerlei machten blootgesteld. Wat dat zeggen wil, Jezus tot een Helper te hebben, leert ons het Evangelie. Als wij blind zijn, kan Jezus ons ziende maken; als wij kreupel zijn, ons doen wandelen; als wij melaats zijn, reinigen; als wij in de macht van de duivel zijn, daarvan redden; als wij dood zijn, ons opwekken. En nu hebben wij 't ergste nog niet genoemd. Als wij zondig zijn, kan Hij ons daarvan bevrijden. En dat doet Hij door zijn Heilige Geest.

Wij moeten niet denken dat die gedachten, die wij zelf denken, de enig mogelijke zijn. Er kunnen andere gedachten in ons hart komen. Een mens aan zichzelf overgelaten, leeft nog niet. Hij moet leren om te leven. Leven is een goddelijke kunst. Dat gaat maar zo niet. Het moet door de Heilige Geest onderwezen worden. Dan wordt het eeuwig leven. Als dat niet gebeurt, dan is leven gelijk aan sterven: een gestadig sterven. Het is ouder worden. Het is slechter worden. Het is droeviger worden. Het is lelijker worden. Dat is een trieste bezigheid, zulk leven. Daartoe heeft God de mens niet geschapen. Hij moet de Heilige Geest ontvangen. Anders is hij niet compleet mens. Hij leeft dan niet. Hij sterft. Alleen de Heilige Geest, die de vergeving der zonden schenkt, de opstanding des lichaams en het eeuwige leven, die alleen doet leven.

Die Heilige Geest is nu op aarde gekomen. Wanneer iemand gelooft in Jezus Christus, dan ontvangt hij de Heilige Geest. Geloven is ademen in een hogere, reinere lucht. "'t Oog omhoog, het hart naar boven!"

Welke dingen zijn dat nu die de Heilige Geest ons laat geloven? Wij, die lid van de kerk zijn, gedoopt, of toegelaten tot het Avondmaal, wij hebben dat in de Twaalf artikelen: Ik geloof in God de Vader, en in Jezus Christus, en in de Heilige Geest. Niet alleen: er is een God, er bestaat wel wat. Dat doen de heidenen ook. Zij zoeken en tasten (vgl. Hand. 17 : 27). Wij hebben meer. De Schepper, onze Vader, de hele natuur. Jezus, uit de bijbel, onze Verlosser. Het Evangelie. De Heilige Geest van Pinksteren, onze Trooster. Handelingen der apostelen. Zo weten wij van God. En de Heilige Geest overtuigt ons daarvan. Allereerst van de opstanding van Jezus. Als Christus niet is opgestaan, dan is de prediking ijdel, en ijdel is ook uw geloof (1 Kor. 15 : 14). Daarvan overtuigt de Heilige Geest. Petrus predikt dat op het Pinksterfeest. De Heilige Geest gebruikt sterke argumenten. Het zijn vaak heel ongewone argumenten, die de schaal der overtuiging doen doorslaan.

Zo moet gij door het leven, en naar de eeuwigheid; niet een kaal mens met handen en voeten en vijf zintuigen. Die hebben de dieren ook. Gij moet anders uitgerust zijn. Gij zijt lid van de christelijke gemeente. De tweede Adam, Christus, is uw stamvader.

De Geest wil uw zwakheden mede te hulp komen. Dan bloeit het menselijk leven op. De vruchten des Geestes: liefde, lankmoedigheid, goedertierenheid, goedheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid (Gal. 5 : 22). Een mens zonder geestelijke gaven is een mislukking. Ze zijn er niet, maar worden gegeven, door de Heilige Geest. Er is plaats voor; bij de andere schepselen niet, maar bij de mens juist. Een gelovig mens is pas een mens. Hoop - Liefde. Als de geestelijke gaven ontbreken, is het een verschrompeling.

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit de OCR-tekst van het boek. Paginagrenzen zijn hersteld, afgebroken woorden samengevoegd en voet- en eindnoten aan hun verwijzing gekoppeld. Zet controlepunten aan om de OCR-correcties en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← Romeinen 5 : 18-20LarenRomeinen 8 : 29 →