O. Noordmans · Verzamelde Werken Inhoud Bijbelregister Zoeken
← Jesaja 33 : 17aLarenJesaja 55 : 7 →

Verzamelde Werken, deel 7 · Laren · p. 238–240

Jesaja 55 : 6

Zoekt de Here terwijl Hij te vinden is; roept Hem aan terwijl Hij nabij is.

Jesaja 55 : 6

De laatste hoofdstukken van Jesaja, Jesaja 40 tot en met 66, worden meestal als een afzonderlijke profetie beschouwd. In de bundel achter Jesaja gezet. Veronderstelt de ballingschap. De profeet heet dan soms: de evangelist van het Oude Testament. Jesaja 53, maar ook Jesaja 55: O, alle gij dorstigen, komt tot de wateren (Jes. 55: 1); en onze tekstwoorden: Zoekt de Here terwijl Hij te vinden is; roept Hem aan terwijl Hij nabij is. Ze herinneren ons aan Jezus' optreden: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabij gekomen (Mt. 4 : 17).

We verstaan de tekst vaak als spreuk, als iets dat telkens terugkeert. Hier is 't niet zo bedoeld. 't Is hier Evangelie - blijde boodschap, iets dat zich niet geregeld voordoet, maar dat eenmaal geschiedt. 't Wil zeggen: Maakt van de gelegenheid gebruik. Zoals Bartimeüs de blinde. Jezus van Nazareth gaat voorbij. Heer, ontferm U mijner! En Jezus: Uw geloof heeft u behouden (Mk. 10 : 46-52).

De tegenstelling spreuk - Evangelie is heel merkwaardig. Nood leert bidden; goed voorgaan doet goed volgen, enzovoort. Met spreuken kan men oud worden. We denken ons de spreuken in de mond van een oude, wijze. Ze zegt hoe men zich in voorkomende gevallen gedragen moet. Maar dat is niet de zuiverste weergave van mensenleven. Het gaat ervan uit dat ge lang tijd hebt. Ge studeert eerst de les in en past ze dan toe.

Maar ge kunt uw leven ook anders zien. 't Is tenslotte maar een ogenblikje, en men kan het zien als een ogenblik, waarin een beslissing moet vallen. Daarvoor zijt ge dan geboren. Ge gaat recht op die beslissing in, van 't begin af. Zoals een meteoor uit de wereldruimte even gloeit, om dan z'n fataal ogenblik te beleven. Zo zien we Jezus z'n drieëndertig jaren vol maken.

De spreuken-mens wil tijd hebben. Hij begint van voren af. Hij wordt geboren, maar sterft niet dadelijk. Tussen geboorte en dood gelden de spreuken. Voor ieder geval een spreuk. Dat is levenswijsheid. Natuurlijk wordt hij ouder. En komt er een einde aan z'n leven. Maar hij vraagt tijd. Tijd om te leven. Tijd om te sterven. Hij wenst tijd om z'n testament te maken. Tijd om zich voor te bereiden. Eindelijk komen de fatale dingen in z'n leven, waarbij geen spreuk van toepassing is. Daarvoor is dan het Evangelie goed.

Men kan 't ook omkeren en het leven zien van het Evangelie uit. In 't Evangelie komt het leven uit de toekomst naar ons toe. Leven heet nu geloven. 't Is geen voorzichtig verdrag met de dood. Geen rekken van een draad tot hij breekt. Maar 't is aanknopen aan het eeuwige leven. De eeuwigheid verslindt dan de tijd, van 't begin af. En al het eeuwige doet zo. De vergeving verslindt de zonde. De dood wordt verslonden door de overwinning. Zoekt de Here, want Hij is te vinden; roept Hem aan, want Hij is nabij. Dan loopt alles op God aan. Niets loopt dood. Er is geen dood, geen nacht. De morgen is gekomen.

God is te vinden: Hij is 't best te vinden. Hij is de verloren penning (vgl. Lk. 15 : 8 v.). Soms schijnt Hij ver te zoeken, en al het andere beter te vinden. Het Evangelie: Zoekt de Here, want Hij is te vinden; roept Hem aan, want Hij is nabij. Dat mag ook wel. Wat is de wereld? Eeuwen en eeuwen? De wereld gaat met gedruis voorbij. Wij staan aan de weg. De profeten alleen kunnen er iets van zeggen. En goed erover spreken alleen 't Evangelie.

Uw leven. Waartoe? Waarheen? Zoekt Hem, want Hij is te vinden; roept Hem aan, want Hij is nabij. Zo blijft het niet altijd. Al het heden wordt verleden, ook het heden der genade. Dan zal men zoeken en niet vinden, roepen en Hij is verre. Verloren. De verloren penning niet gevonden; maar dan is God niet verloren, maar gij zijt verloren, als God u vindt en uw zonde bezoekt, uw ongerechtigheden vergeldt. Zoekt Hem dan terwijl Hij te vinden is, en roept Hem aan terwijl Hij nabij is. De goddeloze verlate zijn weg en de ongerechtige man zijn gedachten; en hij bekere zich tot de Here, zo zal Hij zich zijner ontfermen (Jes. 55 : 7). Dat is dus geen spreuk, maar een Evangelie. Men kan het niet altijd toepassen. Eén keer. In het heden. Heeft dat heden een duur? Geestelijk gezien niet. Als gij uitstelt, kan het uw doodvonnis zijn.

Verantwoording

Deze pagina is automatisch opgebouwd uit de OCR-tekst van het boek. Paginagrenzen zijn hersteld, afgebroken woorden samengevoegd en voet- en eindnoten aan hun verwijzing gekoppeld. Zet controlepunten aan om de OCR-correcties en de onzekere plaatsen (⚑) in de tekst te zien. De tekst is niet met het gedrukte boek vergeleken.

← Jesaja 33 : 17aLarenJesaja 55 : 7 →